Mondige cliënt

De benchmark toont aan dat cliënten steeds mondiger worden. Als ze het oneens zijn met zaken, of als ze iets zien wat hen niet bevalt, zullen ze niet aarzelen om dit te delen met de verantwoordelijken van de zorginstelling. Maar er is meer dat de aandacht vraagt. Cliënten wonen steeds kleinschaliger, deels het gevolg van het feit dat iedere vierkante meter van een zorginstelling efficiënt moet worden benut. En die kleinschaligheid heeft de toekomst, zegt ook het ministerie van VWS. Deze ontwikkeling, het feit dat cliënten steeds beperktere leefruimte hebben, mag echter niet ten koste gaan van een aangenaam verblijf, vind ik. Een prettige omgeving zorgt er namelijk ook voor dat een cliënt zich goed voelt. En daar draait het uiteindelijk om. Het is de reden dat er steeds nadrukkelijker wordt gekeken naar het creëren van een ‘huiskamersetting’, zodat de cliënten verblijven in een ruimte zoals thuis. Een prima ontwikkeling. En daar past ook textielverzorging bij, zoals thuis. Er verzorgd en netjes uitzien vergroot het zelfbeeld van de cliënt. Het is daarom niet verwonderlijk dat cliënten van verpleeg- en verzorgingshuizen volgens de benchmark, waarvoor ruim 400 zorginstellingen input hebben aangeleverd, de kwaliteit van persoonsgebonden was vaak even belangrijk of zelfs belangrijker vinden dan het schoonhouden van de kamer, persoonlijke verzorging van zichzelf, de warme maaltijd of de dagbesteding.

Niet tevreden

Maar wordt dit belang door instellingen wel voldoende onderkend? Niet altijd, zo weet ik na het lezen van de nationale textielverzorgingsbenchmark. Allereerst zijn de cliënten niet tevreden over de snelheid, waarmee de was weer terug in de kast ligt. Een ander verbeterpunt is de kleding die tijdens het wassen zoek raakt. Daarnaast zien cliënten graag dat hun kleding mooi en onversleten blijft. Als laatste verbeterpunt willen ze goedkoper kunnen wassen. Maar er zijn wel duidelijke verschillen als er wordt gekeken naar intern en extern wassen. Bij instellingen die het wassen (gedeeltelijk) uitbesteden vindt een kwart dat er andere beslissingen hadden moeten worden genomen, terwijl dit percentage bij instellingen die zelf wassen maar 9 procent is. In-huis wassers zijn aanzienlijk positiever over de besluitvorming ten aanzien van textielverzorging. Ook geven zorginstellingen die in-huis wassen zichzelf hogere scores als het gaat om doelgerichtheid, procesgerichtheid, de snelheid waarmee het wasgoed weer bij de cliënt in de kast ligt en hospitality. Ook betrekken zij cliënten vaker bij de textielverzorging.

Textielverzorging herzien

Maar wat is nu de conclusie? Doordat cliënten mondiger zijn zullen de medewerkers en leidinggevende van zorginstellingen vaker horen wat cliënten wel en niet bevalt. Ook als het gaat om de textielverzorging. Ligt de was niet tijdig in de kast? Of is er een kledingstuk zoek? Het wordt verteld. En ja, worden er vaak en veel dezelfde opmerkingen gedeeld door cliënten, dan zullen instellingen hun textielverzorging wellicht moeten herzien. Immers, elke stem telt. Ook die van de cliënt in de textielverzorging. En de keuze voor in-huis wassen is dan in mijn ogen snel gemaakt. Uit de benchmark blijkt namelijk dat maar liefst 91 procent van de in-huiswassers tevreden is met de besluitvorming ten aanzien van textielverzorging in hun organisatie. In diezelfde benchmark komt ook naar voren dat cliënten en familieleden bij een in-huis wasserij vaker tevreden zijn. Dus, doe uw voordeel ermee.